zondag 19 oktober 2025

In dienst van Stad en Staat: Willem van IJsselstein

Willem van IJsselstein (1498- 1587) (no 31.708)

Dit artikel is het eenenveertigste uit een serie over burgers die zich inzetten voor militaire taken en gaat over de dienstplicht, schutterijen en het reguliere leger. De discussie over de dienstplicht is nu weliswaar minder, maar nooit helemaal weg geweest en gezien het personeelstekort in het leger ook nu actueel. Het is nuttig om dit fenomeen in historisch perspectief te plaatsen. Sommigen hebben de dienstplicht ondergaan maar er zijn ook mensen vrijwillig het leger ingegaan, waarbij "het leger" een rekbaar begrip is. Ook milities, schutterijen en andere paramilitaire organisaties komen aan de orde. Met de beschrijving van de lotgevallen van deze mannen zie je tegelijkertijd een verschuiving van de loyaliteit jegens de stad naar loyaliteit jegens de staat. 

Willem van Egmond (van IJsselstein) is geboren rond 1498 en overleden in ongeveer 1587. Hij is de zoon van Christoffel van Egmond IJsselstein (no. 61.416) en Elisabeth van Renesse. Het Huis van Egmond speelde een belangrijke rol in de vaderlandse geschiedenis bij de eenwording van de "Lage Landen" in de Bourgondische tijd en bij de latere overgang naar de Habsburgse Nederlanden

Christoffel van Egmond (1470 - 1512)

Christoffel van Egmond was in 1499 commandant van "de Groote Gaarde" bestaande uit 2000 man. Hij was baljuw van Sint Maartensdijk en Scherpenisse (rond 1500). Hij was stadhouder-generaal van Gelderland. Hij stierf in 1512.

Frederik van Egmond "Schele Gijs" (1440- 1521)

Christoffel is de (bastaard)zoon van Frederik van Egmond (no. 122.832), heer van IJsselstein sinds 1469 en sinds 1492 graaf van Buren en Leerdam en raadslid-kamerheer van Karel de Stoute en Maximiliaan I van Oostenrijk. Onder hem werd de stad IJsselstein en ook het kasteel herbouwd. Hij was aanwezig bij Maximiliaans kroning tot keizer van het Heilige Roomse Rijk in 1486. Verder was Frederik heer van Beusichem en Cranendonck en Eindhoven. Frederik is geboren in 1440 en overleden in 1521. Hij schijnt als bijnaam Schele Gijs te hebben gehad, maar een concrete bron die dat aangeeft ontbreekt. Hij was ridder en drost van Leerdam en het Land van der Lede, drost van de veluwe en vrijheer. Daarnaast was hij kastelein van Schoonhoven. dijkgraaf van de Lekdek tussen de Vaart en Schoonhoven, stadhouder van het Nedersticht en lid van de illustere Lieve Vrouwe Broederschap.


Afbeelding 1 Frederik van Egmond

Zwanenbroeders

De Illustre Lieve Vrouwe Broederschap werd begin 14e eeuw opgericht door een aantal Bossche' geestelijken ter ere van de Illustere Lieve Vrouwe ofwel Maria.  Vanaf 1371 werden ook anderen toegelaten, onder wie vrouwen. Om onderscheid te maken tussen geestelijke en niet-geestelijke leden werd de eerste groep "gezworen broeders" genoemd en de tweede de "buitenleden". Vanaf 1384 is zwaan als gerecht te vinden op tafel bij de gezamenlijke maaltijden van de gezworen broeders. De vogels werden meestal geschonken door een lid van de hoge adel. Deze schenkers kregen sinds 1488 de naam Zwanenbroeder. Inmiddels konden ook edellieden van binnen en buiten de stad lid worden van de steeds prestigieuzer geworden broederschap. Korte tijd later werd het schenken van een zwaan losgekoppeld van de titel Zwanenbroeder. Officieel konden sinds 1520 slechts vier personen tegelijkertijd Zwanenbroeder zijn en moesten ze uit de stad afkomstig zijn. Deze regeling verwaterde echter spoedig. Ook Willem van Oranje werd lid. Tegenwoordig is 'Zwanenbroeder' een eretitel waarvoor alleen vorstelijke personen in aanmerking komen, ook koning Willem-Alexander is een zwanenbroeder. In 1642 werden, kort nadat op zijn verzoek de protestantse gouverneur van 's-Hertogenbosch met enige van zijn vrienden tot de Broederschap werd toegelaten, de statuten aangepast: het genootschap bestaat voortaan uit 18 katholieke en 18 protestantse leden. Dit was een compromis: omdat Willem van Oranje lid was geweest werd besloten dat de helft katholiek en de andere helft hervormd moesten zijn.


Afbeelding 2 Wapen van Frederik van Egmond


Afbeelding 3 Kasteel Buren, de woonplaats van Frederik van Egmond

In 1478 werd Frederik in Nijmegen gevangen genomen door aanhangers van Adolf van Gelre en zat er drie jaar gevangen (1478-1481). Het beleg van Franeker in 1500 was Frederiks laatste militaire actie.

Frederik had trouwens nog een paar buitenechtelijke kinderen. Maar met Aleida van Culemborg had hij nog twee zonen, Floris, geboren in 1470 en Wemmer, een kind dat jong gestorven is. Floris werd later stadhouder van Gelderland en Friesland.

Floris van Egmond "Fleurken Dunbier"

Floris werd ook wel Fleurken Dunbier genoemd. Hij was ridder in de orde van het gulden vlies. Hij werd stadhouder van Gelre in 1507 en bleef dat tot 1511. Toen Friesland in 1515 bij de Habsburgse Nederlanden ging horen, werd hij de eerste stadhouder van Friesland (1515 - 1518). Bovendien was hij een mecenas van kunstenaars. Hij haalde onder meer de Italiaanse bouwmeester Pasqualini naar IJsselstein en Buren. 

In 1521 nam hij de titel Heer van IJsselstein over van zijn vader.


Afbeelding 4 Een lid van het gulden vlies heeft een symbool van een klein gouden ramsvacht met kop en poten hangende aan een ring. Het gulden vlies verwijst overigens naar een Griekse mythe. De orde isd op 10 januari 1430 in Brugge ingesteld door Filips de Goede, hertog van Bourgondië. het was voor hem een manier om de banden aan te halen en invloed op elkaars beslissingen uit te oefenen. De orde had dus met name een politieke functie. In eerste instantie waren er maar 24 ridders lid, later werd dat stapsgewijs uitgebreid naar 50, maar het bleef een exclusief gezelschap.


Afbeelding 5 Floris van Egmond

Floris had onder andere een zoon, Maximiliaan, die later ook stadhouder van Friesland werd en zelf vader was van Anna van Egmond, die in 1551 trouwde met Willem van Oranje. Kort gezegd: Willem is de achterneef van de eerste vrouw van de vader des Vaderlands. Filips Willem is van Willem en Anna de oudste zoon die naar Spanje ontvoerd werd en later nog een poging deed om met de dochter van Diederick van Sonoy, een andere voorvader, te trouwen. In 1558 wordt Anna plotseling ziek. Na een kort ziekbed overlijdt de dan pas 25-jarige vrouw van Willem plotseling. Ze wordt begraven in de Grote of Lieve Vrouwe Kerk in Breda. Hun zoon Filips Willem erft uiteindelijk na het overlijden van Willem van Oranje onder andere het graafschap Buren.

Christoffel overleed in 1512.


Afbeelding 6 Maximiliaan van Egmond


Afbeelding 7 Anna van Egmond, eerste echtgenote van Willem van Oranje

Frederik was de zoon van Willem van Egmond senior en van Walburga van Meurs. Op 20 oktober  1464 trouwde hij met Aleid van Culemborg, vrouwe van Sint Maartensdijk en Buren, dochter van Gerrit van Culemborg en Elizabeth van Buren, geboren ca. 1445, overleden 20 juli 1471, begraven in de Sint Nicolaaskerk te IJsselstein. In 1502 trouwde hij met Walburga van Manderscheid.


Afbeelding 8 Het zegel van Frederik van Egmond. Op de rand staat: S FRE/DERIC BROEDER : TEGMONT: HEER: TOT: YSELSTEIN: TOT: BUEREN

Willem van Egmond erft na het overlijden van zijn vader Christoffel in 1526 de heerlijkheid Lijnden (Lienden) bij Buren. Hij is ook jonkheer en sinds 1549 eigenaar van het Bronckhorster goed onder Velp bij Grave.

Lienden is een dorp in de Betuwe.

Hij was verder drost van Genemuiden in de jaren 1541 tot 1543, maar niet zeker is of dit dezelfde Willem van IJsselstein is. Hij was de neef van Maximiliaan van Egmond, graaf van Buren.

In 1535 trouwt hij met Margaretha (Margrieta) van Wijngaarden (Wyngaerden), (overleden vóór 1568) dochter van Joost van Wijngaarden en Martina Mertijn van der Heijden. Willem woonde met zijn gezin in 1544 in Grave in het Land van Cuijk, dat sinds 1432 onder het Huis van Egmond viel. Uit zijn huwelijk met Margaretha zijn de volgende kinderen geboren:

-    Christoffel I van IJsselstein (1546-1593) (no. 15.854).

-    Jan (Hans) van IJsselstein (overleden 1578). Hans trouwde met Agnes van Galen, weduwe van Hendrick van Bronckhorst. 

-    Maarten van IJsselstein, (ca. 1548 - overleden in Frankrijk 1572)

-    Frederik van IJsselstein, (geboren ca. 1550). Hij trouwde in 1585 met Johanna van Bemmel. Na het overlijden van zijn broer Jan (Hans) van IJsselstein werd hij voogd van de nagelaten kinderen.

-    Elisabeth van IJsselstein

Willem van Egmond (van IJsselstein) trouwde rond 1555 voor een tweede maal, nu met Elisabeth Becker, (overleden na 6 december 1569). Uit dit tweede huwelijk had Willem de volgende kinderen:

-    Floris van IJsselstein (overleden ca. 1602) trouwde met Angela Dachverlies, dochter van Joris Dachverlies en Ida van Berckel. Op 25 juni 1587 doet hij hulde voor het leengoed te Lijnden als opvolger van zijn overleden vader Willem.

-    Willem IV van IJsselstein

-    Gerrit van IJsselstein, ook wel Gerhard genaamd

-    Maximiliaan van IJsselstein, treedt op als voogd voor de weduwe Angela Dachverlies en haar kinderen. Hij trouwde op 22 januari 1603 in Utrecht met Jaqueline van Hartevelt, dochter van Joost van Hartevelt.

-    Maria van IJsselstein (jong overleden)


Bronnen en Literatuur:

- http://de-wit.net/genovz/ijssels2.html

- http://www.de-wit.net/genovz/egmond-ijsselstein.htm

- https://en.wikipedia.org/wiki/Frederik_of_Egmont

- https://www.fredbrouwer.nl/egmont-frederick-van-ca-1440-1521/

- https://nl.wikipedia.org/wiki/Orde_van_het_Gulden_Vlies

- https://nl.wikipedia.org/wiki/Illustre_Lieve_Vrouwe_Broederschap

- http://www.ijsselstein.de/NL/van%20Egmond/site%2033.html

dinsdag 7 oktober 2025

In dienst van Stad en Staat: baron Unico III Ripperda (no 29.296)

In dienst van Stad en Staat: baron Unico III Ripperda (no. 29.296)

Dit artikel is het veertigste uit een serie over burgers die zich inzetten voor militaire taken en gaat over de dienstplicht, schutterijen en het reguliere leger. De discussie over de dienstplicht is nu weliswaar minder, maar nooit helemaal weg geweest en gezien het personeelstekort in het leger ook nu actueel. Het is nuttig om dit fenomeen in historisch perspectief te plaatsen. Sommigen hebben de dienstplicht ondergaan maar er zijn ook mensen vrijwillig het leger ingegaan, waarbij "het leger" een rekbaar begrip is. Ook milities, schutterijen en andere paramilitaire organisaties komen aan de orde. Met de beschrijving van de lotgevallen van deze mannen zie je tegelijkertijd een verschuiving van de loyaliteit jegens de stad naar loyaliteit jegens de staat.  

Unico Ripperda is geboren in 1503 in Delden en overleden te Wesepe op 10 juli 1566. Hij was heer van Boxbergen, Oosterwijtwerd en Dijkhuizen en drost van Salland. Een drost was in die tijd het hoofd van justitie en politie. Verder was hij heer van Holwierde en Uitwierde. In de zuidgevel van de vrijstaande toren van Uitwierde bevinden zich boven de deur wee gedenkstenen. De oudste dateert uit de 16e eeuw en toont de wapens Ripperda-Van Buckhorst. Het randschrift herinnert aan Unico Ripperda (1503-66), "Hoeftlinck to Witwert Holwerda vnd Wthwerda ivncker vnd droste van Sallant" . De steen lag vroeger in de kerk. De kerk van Uitwierde behoorde tot de heerlijke rechten van de familie Ripperda van de borg te Farmsum, die daarmee het recht had de predikanten aan te stellen, het zogenaamde collatierecht. De robuuste toren uit het eind van de twaalfde eeuw heeft, met zijn meer dan 1 meter dikke muren, alle oorlogen doorstaan. Hoewel hij nu los van de kerk staat, was het vroeger een geheel met de oorspronkelijke kerk. 


Afbeelding 1 De Kerktoren van Uitwierde

Unico was een zoon van Eggerik Ripperda (58.592) tot Oosterwijtwert en Dijkhuizen en Aleid van Buckhorst tot Boxbergen. In 1531 trouwde hij met Judith van Twickelo, dochter van Johan III van Twickelo, heer van Twickel en Weldam, en Judith Sticke. Bij haar huwelijk bracht Judith van Twickelo onder andere het kasteel Weldam in. Judith is geboren in 1515 en overleed in 1554. 


Afbeelding 2 Grafzerk van Unico Ripperda en Judith van Twickelo in de Nicolaaskerk aan de Ds. E.Kreikenlaan 3 in Wesepe


Afbeelding 3 De kerk in Wesepe bij Deventer


Afbeelding 4 Judith van Twickelo

Unico is commandant van de schutterij in Delden. Hij is lutheraan en schijnt als motto te hebben: "Op de ene dag een os verteren, op de andere dag een ei".



Afbeelding 5 Kasteel Boxbergen


Afbeelding 6 Kasteel Weldam. Het is een kasteel, vroegere havezate en landgoed gelegen in de buurtschap Kerspel Goor in de Nederlandse gemeente Hof van Twente. Het ligt ten zuiden van de plaats Goor in de provincie Overijssel. 


Afbeelding 7 Kasteel Weldam in de tegenwoordige tijd.  Zo rond het begin van de Tachtigjarige Oorlog werd het nu nog bestaande rechthoekige achterste gedeelte van het huis gebouwd op een vierkant omgracht terrein. Van het gebouw wat er daarvoor moet hebben gestaan is niet veel bekend.



Afbeelding 8 Unico Ripperda en Judith van Twickelo bouwden het rood gearceerde gedeelte van het kasteel van Weldam, waarna de torens en de uitbouwen aan de voorkant (grijs gearceerd) pas later volgden. 




Afbeelding 9 De burcht in Oosterwijtwerd


Afbeelding 10  Kaart met daarop onder andere de burcht van Wijtwert vermeld

De band van de Ripperda’s met Oosterwijtwerd gaat terug tot de vijftiende eeuw, als de familie het Huis op de wierde (terp) gaat bewonen. Als collatoren van de Mariakerk in Oosterwijtwerd laten de Ripperda’s daar vele sporen na. Doordat de protestanten de overhand krijgen wordt de kerk steeds meer een monument voor het geslacht van de Ripperda’s. Zo wordt de toren bekroond met een windvaan met het familiewapen, een ruiter te paard. Datzelfde wapen prijkt ook boven de ingang van de kerk.


Afbeelding 11 Schild op de Mariakerk te Oosterwijtwerd

Ons koninklijk huis, het Huis van Oranje, stamt via Claus von Amsberg, de voormalige echtgenoot van prinses Beatrix rechtstreeks af van de Ripperda’s. 

De precieze oorsprong van het geslacht is niet met zekerheid vast te stellen. Wel staat vast, dat de Ripperda’s tot de inheemse Friese hoofdelingenadel der Ommelanden behoren. Naar alle waarschijnlijkheid stamt het geslacht uit Oost-Friesland en hebben leden zich reeds vóór 1300 bij Nansum, Farmsum en Winsum in de Ommelanden gevestigd.

Dertien Kinderen

Unico en Judith hadden minimaal 11 kinderen, andere bronnen hebben het over 13 kinderen:

-    Eggerik II Ripperda, heer van Boxbergen en Weldam, drost van Salland vanaf 1567. Hij bezet namens de Staatse troepen Zwolle op 17 juni 1580 samen met de rentmeester van Salland, Robert van Ittersum. Maar katholieken veroveren de Diezerpoort, een van de stadspoorten van Zwolle.


Afbeelding 12 De restanten van de Diezerpoort in Zwolle

De Staatse troepen maken zich meester van het geschut, bezetten de Grote Markt, de Sint Michaëlskerk, de Kamperpoort en de Roode Toren. Ze werpen barricaden op in de Roggestraat. De katholieken stellen zich op in de Diezenstraat en de Smeden. Burgemeester Derk Bastert probeert beide partijen te verzoenen maar een andere burgemeester duwt Bastert van het paard en rijdt de Sassenpoort uit om de ontevreden boeren van Mastenbroek op te stoken tegen de Staatsen. De boeren zijn boos over de hoge belasting die zij voor de Staatse huursoldaten moeten betalen. Maar de boeren houden zich op het laatste moment toch afzijdig. De Staatsen krijgen hulp uit Kampen en krijgen de overhand. Ondertussen is Maarten Schenk is met zijn troepen onderweg naar Zwolle vanuit Lingen. Hohenlohe wil het leger tegenhouden en het komt tot een treffen bij Hardenberg. Maarten Schenk verslaat Hohenlohe. Hohenlohe krijgt geen hulp van Barthold Entens omdat zijn Friese soldaten niet buiten Friesland willen vechten.  De Staten hadden Christoffer van IJsselstein uit Overijssel teruggetrokken tegen de wil van Jan van Nassau waardoor Schenk met de malcontenten makkelijk naar Groningen kon optrekken. Us Heit, (Willem Lodewijk) noemde Hohenlohe onvoorzichtig.

Eggerik was ook betrokken bij de aanval op Goor, samen met Christoffel van IJsselstein. Hij werd gevangen genomen door Maarten Schenk in zijn kasteel in Afferden aan de Maas. Hij kreeg het losgeld niet bij elkaar en om dat wel voor elkaar te krijgen mag hij naar de Staten. Daar wordt hij echter gevangen genomen en hij sterft uiteindelijk in 1584 in gevangenschap in de Noorderbergtoren in Deventer. Eggerik sond verdert bekend om zijn vorstelijke banketten na zijn benoeming tot drost in 1567. Hij tracteerde bijna iedereen en dronk 's middags vaak. het zal hem dus zwaar gevallen zijn in de gevangenis, maar naar verluidt brachten vrienden van hem regelmatig eten en bier.

-    Johan Ripperda tot Weldam, heer van Weldam, geboren na 1536, overleden op 15 april 1591. In 1569 trad hij toe tot het ridderschap van Overijssel. in 1559 ging hij naar Brussel ter ondertekening van het Eddverbond der edelen en werd later lid van de Raad van State in Brussel.


Afbeelding 13 Johan Ripperda tot Weldam

-    Judith Victoria Ripperda, geboren rond 1534, overleden op 14 april 1608

-    Hillania Ripperda, geboren in 1553, overleden op 21 augustus 1582

-    Johan Valck Ripperda, kanunnik in Xanten, geboren in 1533

-    Aleid Ripperda, geboren in 1537

-    Elisabeth (Adriana) Ripperda, geboren in 1538

-    Adriaan Ripperda, heer van Uitwierde, Holwierde, Dijkhuizen en Delfzijl, geboren rond 1540. Hij bezoekt verschillende universiteiten in Duitsland, Frankrijk en Italië. Hij is gedeputeerde der Staten van Groningen in 1580. Hij overleed op 9 mrt 1583.

-    Herman Ripperda, heer van Boxbergen en Boekelo, geboren te Borculo na 1548, overleden te Hengelo op 22 september 1625. Hij ging in Deventer naar school. Hij dient bij de Duitse hertog Erik van Brunswijk (Braunsweich) in dienst van Philips II, dus bij de vijand. Hij wordt prompt onterft. Later is hij ritmeester en brengt de Spanjaarden als een soort van guerrillaleider veel schade toe. Na een drinkgelag valt hij in Osnabrück van zijn paard en breekt een been: "in drunckenschap sijn peerd op de straet piqueerende". Vanaf dat moment loopt hij mank. In 1597 wordt hij commandant van de schutterij in Delden. Bij de belegering van Oldenzaal valt hij opnieuw van zijn paard en sterft. De befaamde Ripperda dood. (Er zijn er meerde van het paard gevallen en hoewel ik er zelf nooit van gehoord had schijnt er een uitdrukking te zijn: "De Ripperda dood vallen" die betekent dat iemand zijn positie of status verliest, net zoals hij van zijn paard is gevallen.

-    Balthasar Ripperda, heer van Oosterwijtwert (no 14.648), geboren in 1549 en overleden op 29 december 1616. Balthasar heeft zijn jeugd in Frankrijk en Duitsland door gebracht om daar Frans en Duits te leren. Van 1597 tot 1615 staat hij beschreven in de Munsterse Ridderschap, en wordt hij gebruikt als afgevaardigde naar Den Haag en elders. Hij is strijdlustig en trekt met de protestantse veldheer Christian von Braunsweig op tegen de veldheer Graaf van Tilly, maar wordt verslagen waarbij Venhaus wordt bestormd en platgebrand. In 1632 wordt Venhaus weer opgebouwd maar zwaar financieel belast verkocht in 1666 aan Math. von der Recke, die het katholieke geloof weer instelt.

Een tijdlang Is hij goed bevriend met Diderich von Viermundt zu Odinck (waarschijnlijk een broer van zijn schoonzuster Anna von Viermundt), doch deze vriendschap schijnt later snel af te koelen. Hij brengt dan veel tijd door met zijn zwagers Christopher en Caspar op Welvelde en de Schelenburg. Hij bezoekt met Heinrich van Saksen, bisschop van Osnabrück, het hof van koning Frederik II van Denemarken in Kopenhagen. Hij leert tot zijn grote genoegen veel Deense leden van het geslacht Von Schele kennen. Het uitbundige leven en zware drinken aan het Deense hof doen hem echter geen goed, zodat hij spoedig weer naar de Schelenburg terug moet keren om bij te komen. Hij woont vervolgens enige tijd bij zijn schoonfamilie op de Valckenhof bij Coesfelt, daar Oosterwijtwerd door het oorlogsgeweld te gevaarlijk is geworden. Vanaf 1597 is hij lid van de ridderschap van Münster, die hem als afgevaardigde naar de Staten Generaal in Den Haag stuurt. Later erft hij op de heerlijkheid en het gelijknamige waterslot Venhaus van zijn schoonouders.

-    Otto Ripperda, geboren in 1540, overleden in 1570

   Carel Victor

Het geslacht Ripperda verwant met adellijke geslachten in Nederland en Duitsland, zoals Twickelo, Van Ewsum, Van Pallandt, Rengers, Van Baer, De Vos van Steenwijk, Schele, Von Münchhausen, Stael von Holstein, Von Münster en Von Oldenburg.

Bronnen en literatuur

https://nl.wikipedia.org/wiki/Unico_Ripperda_(1503-1566)

- https://www.wikitree.com/wiki/Ripperda-11

- http://marceltettero.nl/rijkvanripperda/Inleiding/Oostwytwerd_Ripperda.html

- https://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/rce-mediabank/detail/b145add2-06f5-10ea-cfc6-c9778cac81d4

- https://www.nazatendevries.nl/Genealogie/Genealogie%20e.d.%20van%20derden/Ripperda/De%20Ripperda's,%20een%20eeuwenoud%20geslacht.html

- https://www.visithofvantwente.nl/attracties/tuinen-parken/1653-landgoed-met-kasteel-weldam/

- https://www.groningerkerken.nl/downloads/uitwierde_kerkbeschrijving_2021_herz_versie.pdf

- https://emmywwh.wordpress.com/wp-content/uploads/2019/05/1905-uitwierde.pdf

- https://nl.wikipedia.org/wiki/Diezerpoort_(stadspoort)#/media/Bestand:Zwolle,_het_Diezerpoortenbolwerk_foto9_2016-06-05_10.57.jpg

- https://nl.wikipedia.org/wiki/Johan_Ripperda_tot_Weldam

- http://www.twentsetaalbank.nl/docs/InschrienTT.2022.1.pdf

In dienst van Stad en Staat: Willem van IJsselstein

Willem van IJsselstein (1498- 1587) (no 31.708) Dit artikel is het eenenveertigste uit een serie over burgers die zich inzetten voor militai...