Posts tonen met het label Kollum. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kollum. Alle posts tonen

vrijdag 31 juli 2026

Jan Gerrits Hoekzema (No 26)

Jan Gerrits Hoekzema (No 26)

Dit artikel is het vijfenveertigste uit een serie over burgers die zich inzetten voor militaire taken en gaat over de dienstplicht, schutterijen en het reguliere leger. De discussie over de dienstplicht is nu weliswaar minder, maar nooit helemaal weg geweest en gezien het personeelstekort in het leger ook nu actueel. Het is nuttig om dit fenomeen in historisch perspectief te plaatsen. Sommigen hebben de dienstplicht ondergaan maar er zijn ook mensen vrijwillig het leger ingegaan, waarbij "het leger" een rekbaar begrip is. Ook milities, schutterijen en andere paramilitaire organisaties komen aan de orde. Met de beschrijving van de lotgevallen van deze mannen zie je tegelijkertijd een verschuiving van de loyaliteit jegens de stad naar loyaliteit jegens de staat.  

Jan Gerrits Hoekzema (Hoeksema) is geboren op 18 maart 1827 te Oldehove. Hij was dagloner van beroep en is getrouwd met Geertje Alberts Bennema (Binnema). Ze hadden samen een dochter, Alberdina, geboren op 26 februari 1866 te Oldehove (1). Ze hadden ook nog een zoon, Albert, geboren op 3 juli 1863 te Oldehove (2).

Nog een andere zoon heette Gerrit Jans Hoeksema en is geboren op 13 (of 12) april 1860 te Burum. Gerrit was van beroep dienstbode (3) Hij woonde op B 219 in Kollum (4). Ze waren Nederlands Hervormd.

Geertje (Grietje) Binnema is op 90-jarige leeftijd overleden, op 3 januari 1918, te Kommerzijl, gemeente Oldehove (5) Geertje was op 22 maart 1827 geboren. Haar moeder was Ebbeltje (Egbertje) Berends Wolteringa en haar vader Albert Jans Binnema (no 54). Albert en Ebbeltje zijn op 2 jui 1811 met elkaar getrouwd in Zuidhorn. Albert is in 1782 in Visvliet geboren. Hij was schoenmaker van beroep. Hij is op 25 augustus 1839 in Burum overleden. Ze hadden naast Geertje nog een dochter, genaamd Trijntje, geboren op 16 augustus 1822 (12). Verder nog een zoon, genaamd Berent. Op 5 december 1825 kocht Albert een schuur in Munnekezijl voor 150 gulden van Gerlof Egberts Geertsma, wonende in Burum (13).

Jan Gerrits Hoekzema en Geertje Alberts Binnema zijn op 18 juni 1859 te Kollumerland getrouwd. Jan Gerrits Hoekzema is op 9 oktober 1868 te Kommerzijl overleden (17).

De vader van Jan Gerrits Hoekzema heette Gerrit Klaas Jans Hoeksema (no 52) en zijn moeder heette Jantje Wierds Mulder (6). Naast Jan Gerrits hadden Gerrit Klaas en Jantje Wierds nog een dochter, genaamd Geelje Hoeksema, geboren op 4 maart 1819 te Oldehove (14) en overleden op 22 maart 1851 te Oldehove (15), een dochter genaamd Trijntje Hoeksema, geboren op 18 september 1817, arbeidster van beroep en geboren te Saaksum, een dochter genaamd Renschke Hoeksema, geboren te Oldehove op 15 mei 1835 en overleden op 22 september 1912 te Grootegast; een dochter genaamd Dina Gerrits Hoeksema, geboren op 9 februari 1821 en dienstmaagd van beroep, overleden op 28-jarige leeftijd te Niehove. Gerrit Klaas en Jantje Wierds zijn op 10 juli 1817 getrouwd. Gerrit Klaas overleed op 52-jarige leeftijd te Oldehove (16).


Afbeelding 1 Certificaat van de Nationale Militie

Uit het certificaat van de Nationale Militie blijkt dat Jan Gerrits is afgekeurd wegens een lichamelijk gebrek en dat hij niet kon lezen en schrijven. (7)

De vader van Gerrit Klaassens Hoeksema heette Klaas Kristiaans (no 104) en zijn moeder heette Geelje Geerts.


Afbeelding 2 De handtekening van Gerrit Klaassens Hoeksema

De vader van Jantje Wierds Mulder heette Wierd Jans Mulder (no 106) en haar moeder heette Trijntje Hendriks. Trijntje Hendriks was dagloner van beroep en woonde te Visvliet, "aan de andere zijde".

Klaas Christiaans en Geelje (Chijlje) Geerts hadden naast Gerrit nog een zoon, genaamd Klaas, gedoopt op 12 oktober 1794 te Oldehove, boerenknecht van beroep (8) en een meisje genaamd Renske, geboren op 26 april 1789 te Oldehove. (9). Renske was getrouwd met Hendrik Bartels Tiemens en is op 9 november 1827 overleden.

Klaas en Geelje zijn op 19 mei 1782 voor de kerk te Oldehove getrouwd. Geelje komt uit Oldehove. Klaas is uit Farmsum afkomstig (10). Geelje is later met Jacob Frederichs uit Wansdorp hertrouwt.

Verder hadden ze nog een zoon met de naam Gerrit, geboren op 27 maart 1786 te Oldehove (11)

Noten en Literatuur:

(1) AlleGroningers te Groningen, BS Geboorte Bron: boek, Periode: 1866, Oldehove, 28 februari 1866, Geboorteregister 1866, aktenummer 14

(2) AlleGroningers te Groningen, BS Geboorte Bron: boek, Periode: 1863, Oldehove, 3 juli 1863, Geboorteregister 1863, aktenummer 44

(3) Kollumerland, Dienstboden, 1870-1880 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1870-1880

(4) Kollumerland, Kollum, 1880-1900 (H-P) Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1880-1900

(5) AlleGroningers te Groningen, BS Overlijden Bron: boek, Periode: 1918, Oldehove, 4 januari 1918, Overlijdensregister 1918, aktenummer 1

(6) AlleFriezen te Leeuwarden, BS Huwelijk Burgerlijke Stand Kollumerland c.a. - Tresoar, Bron: boek, Deel: 2015, Periode: 1859, Kollumerland c.a., archief 30-21, inventaris­num­mer 2015, 18 juni 1859, Huwelijksregister 1859, aktenummer 29

(7) Huwelijksregister 1859, archiefnummer 30-21, Burgerlijke Stand Kollumerland c.a. - Tresoar, inventarisnummer 2015, aktenummer 0029 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1859

(8) AlleGroningers te Groningen, DTB Dopen Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, Bron: boek, Deel: 345..., Kerkelijke gemeente Oldehove, archief 124, inventaris­num­mer 345, 12 oktober 1794, Doop- en trouwboek 1661-1811

(9) AlleGroningers te Groningen, DTB Dopen Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, Bron: boek, Deel: 345..., Kerkelijke gemeente Oldehove, archief 124, inventaris­num­mer 345, 26 april 1789, Doop- en trouwboek 1661-1811

(10) AlleGroningers te Groningen, DTB Trouwen Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, Bron: boek, Deel: 345..., Kerkelijke gemeente Oldehove, archief 124, inventaris­num­mer 345, 19 mei 1782, Doop- en trouwboek 1661-1811, folio 276v

(11) AlleGroningers te Groningen, DTB Dopen Doop-, trouw- en begraafboeken enz. in de provincie Groningen, Bron: boek, Deel: 345..., Kerkelijke gemeente Oldehove, archief 124, inventaris­num­mer 345, 26 maart 1786, Doop- en trouwboek 1661-1811

(12) AlleFriezen in Leeuwarden, Civil registration births Burgerlijke Stand Kollumerland c.a. - Tresoar, Bron: boek, Part: 1006, Period: 1822, Kollumerland c.a., archive 30-21, inventory number 1006, August 17, 1822, Geboorteregister 1822, record number 83

(13) AlleFriezen in Leeuwarden (Netherlands), Notarial records Notarieel archief - Tresoar, Part: 070010, Period: 1823-1825, Kollumerland c.a., archive 26, inventory number 070010, December 5, 1825, Minuut-akten 1823, aktes 1825, record number 51

(14) AlleGroningers te Groningen, BS Geboorte ron: boek, Periode: 1819, Oldehove, 6 maart 1819, Geboorteregister 1819, aktenummer 15

(15) AlleGroningers te Groningen, BS Overlijden Bron: boek, Periode: 1851, Oldehove, 23 maart 1851, Overlijdensregister 1851, aktenummer 11

(16) AlleGroningers te Groningen, BS Overlijden Bron: boek, Periode: 1839, Oldehove, 23 maart 1839, Overlijdensregister 1839, aktenummer 15

(17) Huwelijksregister 1887, archiefnummer 30-21, Burgerlijke Stand Kollumerland c.a. - Tresoar, inventarisnummer 2025, aktenummer 0036 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1887

zondag 31 mei 2026

Hendrik Alberts Haak (No 100)

Hendrik Alberts (van der) Haak (No 100)

Hendrik Alberts Haak is geboren in 1753. Hij is gedoopt op belijdenis op 29 mei 1778 in Kollum. Hij is in Siegerswoude op 4 oktober 1807 overleden. Hij is op 8 april 1770 getrouwd met Jantjen Gerkes (Boer). Jantje(n) is in 1748 in Kollum geboren en op 19 december 1831 in Kollumerland overleden. Ze hadden samen 8 kinderen:

1. Gerke Hendri(c)ks Slagter, gedoopt op 13 januari 1771 te Kollum,  overleden 's middags om vier uur op vijftigjarige leeftijd op 11 aug 1820 op de Citadel, Antwerpen. Hij is getrouwd geweest met Reine Janssens (Reintie Jans). Ze zijn op 17 december 1802 in Leeuwarden in ondertrouw gegaan en 's avonds op 6 januari 1803 getrouwd in Leeuwarden in de Galileeërkerk. Op dat moment zat hij echter in het landschaps Tucht- en Werkhuis, dus hij is op afstand getrouwd. Ze hadden een zoon, genaamd Jan, geboren op 12 februari 1803 en gedoopt in Leeuwarden op 27 maart 1803. Verder een dochter genaamd Jantje, geboren op 30 december 1809. 

  2. Ybeltje Hendriks de Boer,  geboren op 20 september 1772, Kollum,  overleden op 28 mrt 1843, Kollumerland. Ze woonde in wijk A nummer 11. 

  3. Eelkje(n) Hendriks van der Haak, geboren op 25 februari 1774 in Kollum,  Overleden op 17 maart 1854 te Dokkum. Ze was getrouwd met Andries Hendriks Tol.

        4. Albert Hendriks van der Haak, geboren op 31 december 1776. Hij is getrouwd met Antje Minnes op 19 mei 1793. Ze hadden samen een dochter genaamd Hiltje, geboren op 6 augustus 1806 en een zoon genaamd Hendrik, geboren op 10 april 1796. Nog een dochter, Mensche, werd geboren op 18 juli 1793 en Mintje, ook een meisje werd geboren op 18 mei 1811.   

  5. Gerrit Hendriks van der Haak, geboren op 12 januari 1780 te Kollum. Overleden op 30 juli 1832 in Kollumerland. Gerrit was arbeider en gehuwd met Trijntje Jans de Jong. Hij had vier kinderen, Albert, Aukje, Hendrikje en Jan.

  6. Jan Hendriks Bonnes, geboren op 26 april 1784, Kollum. Overleden op 24 februari 1843, Kollumerland

  7. Sijke Hendriks van der Haak, geboren op 18 april 1787 te Kollum. Overleden op 21 juni 1827, Kollumerland. Ze was getrouwd met Mennolt IJes Kastma.

  8. Romke Hendriks van der Slink (No 50), geboren op 19 januari 1789 te Kollum. Overleden op 26 januari 1860, Kollumerland. Hij was werkman (arbeider) van beroep en getrouwd met Gepke Harms Hambeek.

  9. Meindert Hendriks van der Haak, geboren op 20 mei 1793 te Kollum. Overleden op 4 april 1837, Kollumerland. Hij was getrouwd met Trijtje Wopkes Kats.


Afbeelding 1 Naamnaaneming in 1811 van Albert Hendriks van der Haak

In 1811 nam Albert Hendriks (postuum) de naam van der Haak aan. 

Turpmaklust

Hij woonde in Turpma Clust (Torpmaklust), een buurt in Kollum. Dit gedeelte lag in de buurt van de haven, met verbinding naar de Lauwerszee. Ze woonden in 1744 er met zijn tweeen.

Kollum wordt in 1844 door Van der Aa beschreven:

Het heeft een schone, grote en dichtbebouwde buurt, met aanzienlijke huizen en verscheidene straten; de voornaamste of hoofdstraat loopt van oost naar west en wordt halverwege doorsneden door een kanaal, dat van het zuiden naar het noorden loopt, en tot vaart en afleiding van het water naar de Nieuwezijlen dient. Men heeft er, ten zuiden van het dorp een puinweg, en ten westen een grindweg. Het dorp wordt verdeeld in vier delen, kluften genaamd, welke zijn: de Laanster-en-Luynster-kluft , de Torpma-kluft , de Uiterdijkster-kluft en de Kerkburen-kluft . Men telt er, in de kom van het dorp of de Kerkburen, 200 huizen en 1600 inwoners en in de vier kluften tezamen 339 huizen en 2.140 inwoners, die meest hun bestaan vinden in de landbouw, veeteelt en handel. Ook bestaan vele ingezetenen van de visvangst.

De namen Gerke Hendriks uit Kollum en Albert Hendriks uit Boerum (Burum) komen voor in de verslagen over het Kollumer oproer van 1797. Beide werden in het Blokhuis in Leeuwarden opgesloten.


Afbeelding 2 Blokhuis (Huis van Opsluiting en Tuchtiging) in Leeuwarden

Nu is de vraag of dit dezelfde zijn als familieleden van mijn voorouder. Dat zou bijzonder zijn omdat de meeste van mijn voorouders in die tijd patriot waren. De Albert Hendriks die bij het Kollumer oproer betrokken was, was dienstknecht bij een boer genaamd Bening Hessels, dicht bij Grijpskerk. 

Kollumer Oproer

Het Kollumer Oproer was een uiting van oranjeliefde in Kollum in de Franse tijd. In 1797 bleek dat de Oranjeliefde nog sterk leefde onder het gewone volk. Het kwam tot een uitbarsting, die bekend staat als het Kollumer Oproer. Op woensdag 18 januari 1797 werden de bewoners van Kollumerzwaag opgeroepen om na te gaan wie van hen geschikt waren voor de "burgerwapening". En op zaterdag 28 januari werd de bevolking van Burum daartoe opgeroepen. Onder hen was ook ene Abele Reitzes. Toen Abele uit Kollum terug kwam, riep hij "Oranje Boven". Daarop werd hij in de nacht van 2 op 3 februari gevangen genomen. Eerst werd hij vastgezet in het Rechthuis te Kollum met het doel hem later over te brengen naar het blokhuis te Leeuwarden. De arrestatie van Abele was de druppel die de emmer deed overlopen. Er kwam een meute naar Kollum om Abele te bevrijden. Onderweg naar Kollum werden al enige huizen in brand gestoken. De mannen waren bewapend met zeisen, snoeimessen, sikkels. Abele Reitzes werd onder dwang vrij gelaten. 

Ondertussen werd echter het gezag in Leeuwarden gewaarschuwd. Er werd versterking gestuurd en een aantal oproerkraaiers werd gevangen gezet in de kerk van Kollum, waaronder ene Jan Binnes van Oudwoude. De volgende dag kwamen aanhangers van deze Jan Binnes weer in grote getale naar Kollum. Aangevuld met mensen uit de Dongeradelen en Burum werden de troepen van de patriotten uit Kollum verdreven. Een detachement ruiters met Friese paarden en twee veldstukken werd naar Kollum en omgeving gestuurd en de rust keerde weer. De volgende dagen werden in geheel noord en noordoost-Friesland "rebellen" gevangen genomen. Er werden zware straffen opgelegd aan 168 gevangen genomen Prinsgezinden. Jan Binnes en (later) Salomon Levy werden ter dood gebracht, terwijl anderen hoge boetes kregen opgelegd.

Albert Hendriks uit Boerum en Gerke Hendriks (een van de 13 oproerkraaiers uit Kollum) staan op de lijst van gearresteerden die op Blokhuis in Leeuwarden gevangen gezet waren. Gerke is gedoopt in 1771, en als hij net na zijn geboorte gedoopt is zou hij in 1797 28 geweest zijn en Albert 23. Gerke zat bij zijn trouwen in 1802 in het Tuchthuis, dus het zou kunnen dat hij inderdaad bij het oproer betrokken was. Ze komen niet voor op een lijst van mensen die beboet werden voor hun rol bij het oproer.

Een verslag van het oproer in de Groninger Courant van 14 februari 1797:

"Ten aanzien van het uitgebrokene Oranje Oproer in het naburig Friesland , doch dat thans door de genomene maatregulen van 't Provinciaal Beftaur van dat Geweft, eu den betoonden yver van Frieslands gewapende Burgermagt, weder geftuit is, verneemt men thans nog het volgende: Na dat eenige gewapende Burgers, die naar Collum waren getrokken, voor de verfchriklyke overmagt hadden moeren wyken ; zo trokken de Oproerigen, gewapend met stokken , hooyvorken, jagtgeweren, degens enz., naar 't Slot van Braak, dat voor een groot gedeelte geplunderd werd; — van daar begaf deze bende zig naar 't Collumer Verlaat, naar 't huis van den Burger A. Kuining, waardig Lid van het Provinciaal Beftuur in Friesland; dan daar deze zig in een Paardekrib verfteken had, misten zy hun doel, om hem te vermoorden, wordende zyn Huis door die Vagebonden deerlyk geruïneerd. — Vervolgens hielden zy aldaar een zoort van Krygsraad, Wat hun nu verder te doen ftond, want de woeste hoop wist zeer wel, dat het hun taak was, om vry wat meer te doen, dan hier en daar een huis te plunderen of een Patriot te vermoorden ! — het besluit derhalven was, om zig van de Stad Dockum meester te maken; — misschien als een gelegen plaats, om met dc verraderlyke Engelfehen te corresponderen... 

Daadlyk marcheerden daarop de Muiters. naar gisting wel twee duizend min sterk, naar Dockum.— Voor de wallen van Dockum komende, begonnen enigen der Oranje helden te schieten, ongetwyffeld, om de Patriotten van Dockum bang te maken, —ook riepen zy aan de Dockumsche Wagt, dat zy hen maar binnen moesten laten , dat de Prinseluiden die in de Stad waren, zig van de Stad maar meester moesten maken enz., 't welk alias besloten werd met het helsch geschreeuw van Fivat de Prins! Oranje boven! enz. —¦ Dan, daar in Dockum alles zweeg en sidderde wat voor zyn gevloekte Hoogheid was, kreegen zy eenige kanon- en Musketschoten, waar door er enigen van de bende naar de Eeuwigheid gezonden en anderen zwaar en ligt gekwetst werden, en straks daarop begaf zig den Oproerigen hoop, door slooten en greppen, over heggen en struiken op de vlugt! Na dat vervolgens meer gewapende Burger Corpfen aangekomen waren, zo is door dezelve de Oproerige hoop geheel verftrooid, blykens de volgende stukken: GELYKHEID, FRYHEID, BROEDERSCHAP.  van erkentenis in ons te verwekken."

Naast vele arrestaties werden er ook veel wapens in beslag genomen. Alleen al in Kollumerland 200 geweren, 16 pistolen en 39 sabels.

Hendrik Alberts' vader is waarschijnlijk Albert Luijtjens (Luitsens) (No 200). Hij is gedoopt op 23 februari 1710. Hij is op 23 mei 1745 getrouwd met Anke Ritskes en later, op 11 april 1756,  hertrouwd met Tjitske Ruurds. Met Anke had hij een zoon genaamd Ritske Alberts Beystra. Ritske had de naam Beistra in 1811 aangenomen en werd veehandelaar en trouwde met Dyttien Martens. Ritske is op 29 november 1750 gedoopt. Ritske is overleden op 18 november 1813 in Kollum.

Albert had ook nog een dochter genaamd Aaltje, gedoopt in Kollum op 14 juli 1748 en dus zoon Hendrik Alberts Beistra, gedoopt op 15 april 1753. Verder een zoon genaamd Luitjen Alberts (Bakker?), gedoopt op 10 april 1746. Er is waarschijnlijk rond deze tijd nog iemand die ook Albert Luijtjens heet, want in bronnen staat dat deze rond 1731 is geboren, maar dat zou betekenen dat hij gedoopt was voordat hij geboren werd. In 1779 werd in Kollum een nieuw waaggebouw neergezet. Het familie wapen van Albert Luitjens is terug te vinden op de timpaan in de gevel, als kerkvoogd en mede opdrachtgever. Het lijkt erop dat dit inderdaad de Albert Luitjens geboren in 1710 is.

Anke Ritskes is geboren rond 1720 in Kollum en overleden, in elk geval voor 1756.


Afbeelding 3 Het waaggebouw aan de Westerdiepswal 4 te Kollum met de Timpaan op de gevel met het wapen van Albert Luitjens


Afbeelding 4 Het Timpaan uitvergroot

Hetzelfde wapen komt voor op een zilveren doopbekken, gegeven door "Tjitske Ruerds huisvrouw van Albert Luytjens in ’t jaar anno 1771". Het wapen bestaat uit twee delen, links de bekende Friese halve adelaar en rechts drie klavers boven elkaar.

De vader van Albert Luitsens is waarschijnlijk Luitjen Heetses (no 400). Luitjen Heetses is rond 1685 in Kollum geboren en naast Albert had hij nog twee kinderen: Haetse (Hedse), geboren in 1706, gedoopt op 7 maart 1706 en Antje, geboren in 1714, gedoopt op 29 april 1714 en overleden in 1755.

Bronnen en Literatuur:

- Burum, Augsbuurt, Munnekezijl, Nieuw-kruisland; Kollum; Oudwoude, Veenklooster, Kollumerzwaag, Westergeest, archiefnummer 29, Register van familienamen - Tresoar, inventarisnummer 0037 Periode: 1811-1825

- Overlijdensregister 1817-1824, archiefnummer 30-21, Burgerlijke Stand Kollumerland c.a. - Tresoar, inventarisnummer 3005, aktenummer 0050 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1820

Trouwregister Hervormde gemeente Kollum, archiefnummer 28, Collectie doop-, trouw-, lidmaten- begraafboeken - Tresoar, inventarisnummer 0450 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1718-1811

Doopboek Herv. gem. Kollum, archiefnummer 28, Collectie doop-, trouw-, lidmaten- begraafboeken - Tresoar, inventarisnummer 0449 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1696-1811

Doopboek Herv. gem. Kollum, archiefnummer 28, Collectie doop-, trouw-, lidmaten- begraafboeken - Tresoar, inventarisnummer 0449 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1696-1811

- https://hvnf.nl/index/KOLLUMER.htm

- https://www.blokhuispoort.nl/online-museum/huis-van-opsluiting/oproer-1797/

AlleFriezen te Leeuwarden, DTB Trouwen Collectie doop-, trouw-, lidmaten- begraafboeken - Tresoar, Deel: 1002, Periode: 179..., Leeuwarden, archief 28, inventaris­num­mer 1002, 6 januari 1803, Trouwregister Hervormde gemeente Leeuwarden

- Groninger Courant, 14 februari 1797

Uit het verleden en heden van Kollum, 1932 p. 149

- It Jubeljier (1793-1813), 1927, p. 486

- http://www.stinseninfriesland.nl/SybemaStateKollum.htm

Doopboek Herv. gem. Kollum, archiefnummer 28, Collectie doop-, trouw-, lidmaten- begraafboeken - Tresoar, inventarisnummer 0449 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1696-1811

Trouwregister Hervormde gemeente Kollum, archiefnummer 28, Collectie doop-, trouw-, lidmaten- begraafboeken - Tresoar, inventarisnummer 0450 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1718-1811

- Doopboek Herv. gem. Kollum, archiefnummer 28, Collectie doop-, trouw-, lidmaten- begraafboeken - Tresoar, inventarisnummer 0449 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1696-1811

Verzameling Hessel de Walle, archiefnummer 0001, Inscripties en grafschriften - Hessel de Walle, aktenummer 3439 Periode: 1341-1901

- https://nl.wikipedia.org/wiki/Waag_(Kollum)

- https://www.fryske-akademy.nl/fileadmin/inhoud/img/kennis/genjierboek/GJ_2016.pdf

- Burum, Augsbuurt, Munnekezijl, Nieuw-kruisland; Kollum; Oudwoude, Veenklooster, Kollumerzwaag, Westergeest, archiefnummer 29, Register van familienamen - Tresoar, inventarisnummer 0037 Periode: 1811-1825


zondag 8 juni 2025

Romke Hendriks van der Slink (no 50)

Romke Hendriks van der Slink (no 50)

Dit artikel is het drieëndertigste. uit een serie over burgers die zich inzetten voor militaire taken en gaat over de dienstplicht, schutterijen en het reguliere leger. De discussie over de dienstplicht is nu weliswaar minder, maar nooit helemaal weg geweest en gezien het personeelstekort in het leger ook nu actueel. Het is nuttig om dit fenomeen in historisch perspectief te plaatsen. Sommigen hebben de dienstplicht ondergaan maar er zijn ook mensen vrijwillig het leger ingegaan, waarbij "het leger" een rekbaar begrip is. Ook milities, schutterijen en andere paramilitaire organisaties komen aan de orde. Met de beschrijving van de lotgevallen van deze mannen zie je tegelijkertijd een verschuiving van de loyaliteit jegens de stad naar loyaliteit jegens de staat.

Romke Hendriks van der Slink is geboren op 19 januari 1789 in Kollum. Hij werd gedoopt op 22 februari 1789 in Kollum. 

Op 16 december 1811 nam hij de naam Van der Slink aan. Detail daarbij is dat hij de betreffende akte ondertekende met Romke Hendriks van der Slenk.





Afbeelding 1 Naam aanneming op 16 december 1811


Hij overleed op 26 januari 1860 in Kollum. Hij is op 18 mei 1852 getrouwd met Gepke Harms Hambeek. Ze woonden echter al langer samen. Hij had vier kinderen. Gerryt Romkes van der Slink, geboren op 30 april 1827 en Rixtje Romkes van der Slink (no 25). Verder nog een dochter Jantje van der Slink, geboren op 12 mei 1825 en dochter Sijke van der Slink. Gepke overleed op 6 maart 1887.

Hij was plaatsvervanger van Eeuwe Willems Rispens, een boerenzoon. Daarvoor werd bij de notaris op 17 april 1821 een contract getekend waarvoor Romke een geldbedrag kreeg als vergoeding voor het plaatsvervangen.


Afbeelding 2 Akte van plaatsvervanging 17 april 1821

Te lezen valt dat hij een rond voorhoofd had, een ovaal aangezicht, blauwe ogen, een spitse neus, een gewone mond, ronde kin en bruin haar en bruine wenkbrauwen. Hij was vijf voet en vijf duim groot.


Afbeelding 3 Vermelding in het stamboek waaruit blijkt dat hij vrijwillig geëngageerd was voor de duur van 6 jaar

Op 1 november 1819 ging hij met paspoort. Dat betekent dat nadat hij zes jaar bij het vierde regiment lichte Dragonders zat hij na een paar jaar weer in dienst is gegaan.

Hij is op 18 juni 1842 berecht voor het organiseren van een loterij zonder toestemming, maar hij werd vrijgesproken. 

Bronnen en literatuur:

- Minuut-akten 1821, archiefnummer 26, Notarieel archief - Tresoar, inventarisnummer 076028, aktenummer 00187 Gemeente: Leeuwarden Periode: 1821

- Huwelijksregister 1852, archiefnummer 30-21, Burgerlijke Stand Kollumerland c.a. - Tresoar, inventarisnummer 2012, aktenummer 0031 Gemeente: Kollumerland c.a.Periode: 1852    

Geboorteregister 1825, archiefnummer 30-21, Burgerlijke Stand Kollumerland c.a. - Tresoar, inventarisnummer 1007, aktenummer 0064 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1825

Ee, Engwierum, Aalsum, Oostrum, archiefnummer 29, Register van familienamen - Tresoar, inventarisnummer 0041 Periode: 1811-1825

- Overlijdensregister 1858-1860, archiefnummer 30-21, Burgerlijke Stand Kollumerland c.a. - Tresoar, inventarisnummer 3013, aktenummer 0017 Gemeente: Kollumerland c.a. Periode: 1860

https://www.elsinga-s.nl/altijdstrijdvaardig/Toevalsvondsten%20met%20Bron%20Letter%20Sik%20-%20Sl.pdf

Rol van strafzaken, archiefnummer 18-02, Arrondissementsrechtbank Leeuwarden - Tresoar, inventarisnummer 82, aktenummer 866 Periode: 1838-1844

Swatov porselein: schoonheid ligt niet altijd in perfectie

Swatov porselein: schoonheid ligt niet altijd in perfectie Swatow-porselein is een type Chinees porselein gemaakt voor de export. De naam i...